Verse fijne kruiden zoals kervel, basilicum en bieslook pas op het allerlaatst aan een gerecht toevoegen, omdat de smaak door koken verloren gaat.
Gedroogde kruiden moeten een tijdje meekoken om hun geuren tot ontwikkeling te laten komen.
Uitgesproken smakende kruiden zoals tijm of rosmarijn kunnen met steel en al worden meegekookt. Voor het serveren moeten ze ui het gerecht verwijderd worden.
In een doekje gebonden kunnen allerlei kruiden in een vloeistof worden gehangen (een kruidenbuiltje of bouquet garni). Ze zijn zo weer gemakkelijk uit soep of saus te verwijderen.
Gebruik niet alleen peterselie als garnituur.
Verse kruiden kunnen worden gedroogd, ingelegd in olie of azijn of ingevroren.
Gedroogde kruiden moeten in een goed gesloten bewaard worden en nooit langer dan 1 jaar.
Gedroogde kruiden hebben een minder intensieve smaak dan verse. Er kan dan ook een wat grotere hoeveelheid van worden gebruik dan in de recepten is aangegeven.
Gedroogde kruiden hebben vaak een wat andere smaak dan verse.
Gedroogde kruiden zijn ideaal om bij de barbecue te gebruiken. Ze kunnen zowel over het vlees, als direct in de vuurgloed worden gestrooid.
De smaak van fijngemalen gedroogde kruiden gaat heel snel verloren. Koop daarom liever minder fijn verdeelde.
Voor alle tuinkruiden geldt hetzelfde als voor specerijen : ze moeten de smaak van het gerecht ondersteunen en nooit maskeren!